Leuk als meer mensen deze blog lezen

DEEL deze BLOG a.u.b. op FACEBOOK of TWITTER.
Bedankt voor het lezen (en delen).

woensdag

Drieluik van de schaarste, 1 (opera, 8)

Het kind uit de kosmos groeit op in de wereld van het woord. 
In het Drieluik van de schaarste maakt ze kennis met economische namen.
Vandaag het linker luik.


Ze huppelt op luchtige voetjes,
ze raken amper het gras.
Aan al wat ze ziet, brengt ze groetjes,
zegt: ‘Hoi, ik was hier nog pas!’

De mensen, zij kennen haar toetje,
ze woont daarginds, bij boer Bas.
Dat kind met die geinige sproetjes,
olijkste meid van haar klas.

'Nâ nâ', haar ondeugende snoetje
zegt: ‘lekker toch zonder jas!
'k glij uit op de vlaai van een koetje,
landt plat op mijn bips in een plas’.

Onder de zon vies en vuilig geworden,
staat zij plots stil bij een knipstrakke tuin:
Twintig bij tig meter vierkante orde,

achter een hek, onder statige kruin.
Eenzaam staat daar een narcis te worden,
roept: ‘Hé meisjelief, ik ben jouw fortuin!’

Het hek staat te schreeuwen: ‘Je mag hier niet kommen’.
Ze wipt op haar tenen, haar hoofd houdt ze schuin.
Dan reikt ze voorover en plukt er die blomme…

dinsdag

Magisch gelijk (opera, 7)

Paul schreef de schuin gedrukte tekst, die mij inspireerde tot het gedicht dat erop volgt.


Hierna en hiervoor bestaat niet.

De tijd had nog geen horizon

Je komt niet in een wereld van losse dingen op zich, maar in een wereld van betekenissen, van woorden en verhalen die bij de dingen komen. Op die manier ordenen we onze wereld. We doen dat door te classificeren. In een studiegids van de universiteit, in een atlas of een bibliotheek kun je dat heel goed zien. Er zijn daar vele studierichtingen, allerlei soorten kaarten, allerlei soorten boeken.
Er zijn dunne dingen (verstand, getallen, muziek, gevoelens), er zijn dikke dingen (vogels, stenen, vloeistoffen) en er zijn dingen daartussenin. Je kunt op veel manieren over jezelf en de wereld waarin je leeft, spreken. Je kunt als socioloog naar de wereld kijken, of als econoom, als medicus of als componist. In een bibliotheek is er een afdeling geschiedenis, een afdeling aardrijkskunde en, om maar iets te noemen, een afdeling vergelijkende godsdienstwetenschappen. In een atlas vind je weerkaarten, demografische kaarten, kaarten waarop bodemschatten zijn aangegeven en kaarten die de aard van het landschap laten zien. Door al die manieren van classificeren wordt er iets anders tevoorschijn gebracht; steeds komt er een andere wereld te voorschijn.

Ze zullen je zeggen, meis: ‘dit is van zus en dat is van zo.
Die stad met die lichtjes, meis, dat is Parijs en daar ligt Bordeaux.
De tijd heet niet tijd, maar luistert naar namen als Jura of Trias
terwijl je bergen en volken vindt in een atlas.

Hoor de dingen niet zingen: ze hebben geen naam en ze zwijgen.
Wat wij ook zeggen, objecten zijn wat ze zijn van d’r eigen.
Geboren als mens, meteen ook de zoveelste magiër, want kijk:
je benoemt en je duidt steeds je eigen gelijk.

maandag

Het woord (opera, 6)



Wat als ik uit
een mens was geboren
maar bij wolven gewassen
groot was geworden?

Had ik beelden gezien,
muziek kunnen horen?
Had ik vol aandacht
iemand gestreeld?
Had ik voorkeur gehad
voor demi sec
of bruusker dan bruut?
Was een geur ooit
voor mij dan
een parfum geweest?

zondag

Mama belooft, mama lokt, haar hart bonkt, het leven lonkt (opera, 5)

Ankara, Museum voor archeologie, juli 2012

Er is een stem die niet klinkt
een sprekende stem
scharlaken in
rood ritmisch zwijgen

Een stem van verlokking
era’s geleden ge-
storven, vergaan
ontluikende roep

Zingende, gonzende
fonteinheld’re al-
om aanwezig ‘on-
hoorbare stem

Het “In Den Beginne”
is zij -  -  -
die stromende stem
dit levendig lied

Verwachtingsvol zwanger
zucht naar het leven
van een urgentie –
zó hoog! - - -

Popelend, hunkerend
gunnend en gevend
De stem zou versterven
om haar te doen leven

Voor haar is zij kind
vanaf de ontvangst
potentie tot mens
een meisje, een kind.

zaterdag

Compleet, geheel om te worden (opera, 4)


Twee, één
Daar, hier
Eind, begin
Overal, nergens
Eeuwig, nog nooit
Neergang, eruptie
Daadkracht, belofte
Verlangen, orgasme
Usance, één chance
Al alles, nog niets

Oceanisch verdonkerd,
bespat firmament
duistere diepte
explosie van licht

Turbulentie trechtermond
Rust omstrengelt razernij
Zesenveertig is ontelbaar
Prehistorie ongezien
Ongedachten, onervaren
Toen niets nog gezien,
gehoord, getast,
geproefd, geroken
worden kon

Net als nu
kon niemand het weten
Ze was al compleet
Geheel om te worden

Na kakofonie
van tetterend vierende wellust
van graaiende wil tot ontleven
de monotonie nu
in dof dempend vlees
op aarde
in moeder
haar rood pompend hart

maandag

Toen de tijd een horizon kreeg (opera, 3)

Paul Brouwer vroeg mij een libretto te schrijven voor een moderne opera waaraan hij werkt. Het gaat over 'inzoomen op (vooral menselijk) leven'. Hij gaf me teksten en ideeën aan welke hij muzikale vorm wil geven. Met medeweten van Paul plaats ik hier voorpublicaties van teksten uit het libretto in wording. De eerste twee publiceerde ik eerder als Pop up reality (16 april, 2013) en Geen keus (17 april, 2013).


Een mensenleven is lang niet genoeg
Een mensenleven is zeker te kort
Wil je leven, wil je leven, wil je leven als mens?
Zit er iets anders op,
dan Mens te worden, te worden als mens.

Ze was er al!
Ze is er al!

zondag

Leverworst met currysaus

Ik heb jenever gedronken
en zware shag zitten roken.
Melancholie, duister verzonken,
de verstraler boven mij had ik ontstoken.

In mijn donkere tuin
verwaaide de wind
schimmen van zomer
zonder dat de notenboom
het helpen kon.
De vijver lag stil
(alle vis is gevlogen als maal van een reiger).

Ik wist wel: ik was licht beschonken,
in het ruisende lovert klonk karaoke,
in mijn hoofd - op de maat van het bonken -
telkens het PETS!
van toen onze droom
als een zeepbel
naar niets werd gestoken.

Ik neurie dit treurlied terwijl ik
leverworst met currysaus eet.
Ik ga zo maar slapen,
durf ik gerust:
ik droom toch alleen
maar als ik wakker ben.