Ik heb jenever gedronken
en zware shag zitten roken.
Melancholie, duister verzonken,
de verstraler boven mij had ik ontstoken.
In mijn donkere tuin
verwaaide de wind
schimmen van zomer
zonder dat de notenboom
het helpen kon.
De vijver lag stil
(alle vis is gevlogen als maal van een reiger).
Ik wist wel: ik was licht beschonken,
in het ruisende lovert klonk karaoke,
in mijn hoofd - op de maat van het bonken -
telkens het PETS!
van toen onze droom
als een zeepbel
naar niets werd gestoken.
Ik neurie dit treurlied terwijl ik
leverworst met currysaus eet.
Ik ga zo maar slapen,
durf ik gerust:
ik droom toch alleen
maar als ik wakker ben.
Kort proza en poëzie over mijn gedachtewereld, observaties, ervaringen, waarneming, filosofie, levensbeschouwing, wereldbeeld, lichaam en zingeving. Verder nog over hoe ik aanwezig ben en toch afwezig, hoe ik aan meditatie doe, hoe ik contact met de concrete werkelijkheid onderhoud, hoe ik heb en ben, weet en vergeet.
Leuk als meer mensen deze blog lezen
DEEL deze BLOG a.u.b. op FACEBOOK of TWITTER.
Bedankt voor het lezen (en delen).
Posts tonen met het label droom. Alle posts tonen
Posts tonen met het label droom. Alle posts tonen
zondag
zaterdag
Maatpak te groot
Het winkeltje doet vanaf de buitenkant Engels aan, door een voor een winkel klein raam zie ik dat een kleermaker met naald en garen aan het pak van een klant zit te prutsen, terwijl de klant er nog in zit. Bij het openen van de deur klingelt nostalgisch een belletje. Ik stel mij op, typisch een wachtende klant. De kleermaker praat murmelend met de inhoud van zijn maatwerk, ik kan het gesprek niet volgen. Er is geen koopwaar uitgestald. Ik schat dat het goedkoopste pak hier 2000 euro kost. Eigenlijk zou ik rechtsomkeert moeten maken. Helaas, dat kan ik nooit. Ik wil de achting en de dienstbaarheid in de ogen en de houding van de neringdoenden waarnemen. Ze zitten ernaast met hun onderdanigheid, ik kan het niet betalen. Maar het is zo leuk en soms word ik het slachtoffer van mijn eigen theater. Op dit soort momenten besef ik ten volle dat ik nooit vermogend zal worden. Achter mij hoor ik volslagen onverwacht een stem. Ik draai me met een ruk om. Een man van een jaar of dertig met stug uitziend haar – waarschijnlijk doordat hij het strak naar voren heeft gekamd, maar niet plat op zijn hoofd, meer zoals de stekels van een stekelvarken – zit in een armstoel en kijkt mij niet aan. Ik realiseer me dat hij me een vraag stelde.
‘Pardon’?
Zonder zijn houding te veranderen, zonder ook maar de geringste moeite te doen om zijn blik te richten op de man tegen wie hij spreekt, stelt hij mij dezelfde vraag. Ik weet dat het dezelfde vraag is, doordat ie de eerste keer al bij me binnenkwam, alleen drong ie toen niet tot me door.
‘Is uw vader een merel?’
Het is een absurde vraag, des te gekker is het dat ik mezelf kalm en zonder ook maar een spoortje van verbazing hoor antwoorden.
‘Nee, maar hij was wel zanger, hij was bariton.’
De wekker knettert en scheurt me sleurend aan het dons van mijn ziel vanuit de ene een andere wereld in. Ik weet dat het vrijdag is. Ik weet dat ik in bed lig. Ik weet dat ik op moet staan. Ik weet dat ik de neiging heb boven mijn bankrekening te leven. Ik zucht. Ik weet dat ik gisteren een andere auto heb gekocht. Ik stap uit bed en raap mijn confectiegoedje bij elkaar. Ik schuif het gordijn open en daar staat ie. Potverdorie, wat een vette bak. Met een klein sprongetje draai ik me om. Even later spoelt het warme water van de douche mijn morgen weer schoon. Vals als een kraai zing ik een liedje.
Labels:
auto,
droom,
Mercedes,
te veel geld uitgeven,
vermogen
Abonneren op:
Posts (Atom)
