Leuk als meer mensen deze blog lezen

DEEL deze BLOG a.u.b. op FACEBOOK of TWITTER.
Bedankt voor het lezen (en delen).

Posts tonen met het label Dood. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dood. Alle posts tonen

maandag

(On)gelijk

Druipsteengrot bij Alanya, Turkije, 20 juli 2012
Psalm van Jan
die in zijn ongelijk
zijn gelijk ontwaart
- voor de ongelovigen.
----------------------------------------------------
Soms blijf ik stomverwonderd staan,
mond half open, adem zacht.
Ik ben vandaag en ook vannacht
erin gebleven, dus niet uit de pijp gegaan.

Was ik maar 's wel gestorven en dat, gek genoeg,
ik dan ook maar wat te dubben stond
over hoe, wie, wat, verdomd! hoe kon't
dat ik (nu ik dood was) altijd nog hetzelfde vroeg?

Dat zou dan mooi betekenen
dat ik gelijk gekregen had
dat waar alles om begon

niet is te berekenen
dat het per se niet zo zat
dat ik het weten kon.

donderdag

Als het over dood gaat, gaat het nergens over



Laatst zei mijn kapster tegen mij:
"mensen praten niet over de dood".
Een doodgezwegen waarheid,
leek me.

Maar goed, waar gaat het over
als het over dood gaat?

Mijn eigen dood ervaar ik niet,
het is niet eens mijn einde,
heeft niets met mij te maken,
want ik leef.

Mijn leven heeft geen einde,
omdat 'einde'
een ervaringsgegeven is
en als mijn leven voorbij is,
maak ik dat zelf niet mee.

Sterven kan ik,
dood zijn niet.

Waar zouden we het dus
over moeten hebben
als we praten over dood?

Over het vermoeden vooraf
dat de dood tot iets ingewikkelds maakt?

Over anderen misschien?
De dood van anderen?
Gaat het dan niet weer over leven?
Over leven zonder hen?

zondag

Aanlegsteiger


Echte doden dansen niet,
echte doden zijn zo dood als een pier.

Levende doden zie je niet,
omdat ze niet bestaan.

Als een man niet leeft, wil dat
nog steeds niet zeggen dat hij dood is.

Levende doden zie je niet,
omdat ze niet bestaan.

Toch zie ik de dood soms
in de ogen van een levend mens.

Dan denk ik aan een kist
op een aanlegsteiger.
De kist op die aanlegsteiger was
een naamloos ding met daarin
misplaatst in leven vol
arbeid, productie,
handel, vervoer,
onwezenlijke inhoud.
Met man en muis
moesten we wachten
tot de dode weg
werd gehaald.

De man was in een bouwput gevallen.
In 1992 denk ik dat het was.

woensdag

Mijn dood (1)

Vatra Dornei, Roemenië, 19-09-2010, 15h05
Over de dood wil eigenlijk niemand nadenken, laat staan het erover hebben. Gek eigenlijk, over toekomstplannen praten we graag. Nu ja, misschien komt het doordat we allemaal doodgaan. Beetje saai:
‘Hé, weet je wat ik over een tijdje ga doen? Ik ga dood!’
-  ‘Wow, vet! Ik weet het nog niet zeker, maar misschien ga ik dat ook nog wel eens doen.’
Beetje onwerkelijk ook. Er valt niets over te zeggen, dan dat we die toekomst delen. Op commerciële zenders is er wel regelmatig iets over te doen. Daar babbelen paranormale kinderen, beginletterende Amerikaanse mevrouwen en Schotse meneren met een funny accent allemaal met geesten van overledenen. Hoge kijkcijfers maken de dood lucratief.  Het gaat om wat er na de dood komt! De een denkt als levend wezen in een ander omhulsel opnieuw een tijdje op aarde te gaan doorbrengen, weer een ander gelooft dat hij in een eindeloos hiernamaals zal verblijven en de vader van Jan Siebelink beleefde een kwellend sterfbed omdat hij stierf van angst voor het hellevuur. In mijn werk kom ik heel wat jonge mensen tegen die geloven in iets vaags na de dood, ze weten het niet precies. En een hel? Een oordeel over de levenden en de doden? Nee, daar hebben ze niets mee.

Dat we dood gaan, hebben we gemeenschappelijk en dat niet alleen, ook verlegenheid met het levenseinde verbindt ons al sedert de tijden dat we mensen werden. Onder de oudste cultuuruitingen zijn die rondom de dood prominent aanwezig: grafheuvels, witgekalkte schedels gezamenlijk in cirkels begraven, gehurkt ter aarde bestelde terracottakleurige skeletten. In de huidige cultuur hebben we de dood buiten de grenzen van de bewoonde wereld in quarantaine gedaan. Ergens in een bos is een crematorium, omringd door grafstenen bovenop de doden die niet verbrand wensten te worden. In het donker durven mensen er niet langs te fietsen en al helemaal niet om middernacht.

(Wordt – in tegenstelling tot het leven na de dood – vervolgd)