Leuk als meer mensen deze blog lezen

DEEL deze BLOG a.u.b. op FACEBOOK of TWITTER.
Bedankt voor het lezen (en delen).

Posts tonen met het label denken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label denken. Alle posts tonen

zondag

De dieren van Xenophanes

Filosofen als Derrida en natuurlijk mijn eigen Merleau-Ponty hebben erop gewezen dat het niet zo is dat je eerst een gedachte hebt en dat je daar als het ware in een split second de passende woorden bij ‘zoekt’ en ‘vindt’. Neen, als er woorden komen, dan zijn zij gedachten, er is nergens in mij een rangeerstation waar losse elementen tot een gedachtentrein worden samengesteld.

Als wij van een kat of een hond zeggen dat het dier dit of dat ‘denkt’, dan doen we dat in mensvormige termen. Die beesten hebben geen woordtaal zoals wij. Mochten ze al ‘denken’ dan is dat een vreemd proces voor mij, als van aliens.

Iedere morgen ‘denken’ mijn katten weer iets dat hen voor de deur brengt waarvan ze ‘weten’ dat die open zal gaan, waarna ze brokken krijgen.

Mensentaal is gewoonweg ongeschikt om te verwoorden wat er werkelijk in die dieren omgaat. We hebben geen woorden die ladingdekkend over het verschijnsel gaan dat we zoeken te beschrijven. We kennen het ‘denken’ van dieren niet. In ons is er geen gedachte voor en dat is hetzelfde als ‘we hebben er geen woorden voor’.

Misschien dat hij of zij die woordenloos leert denken ooit woorden vindt die passen bij het ‘denken’ van katten en honden.

zaterdag

Het fietsen en het zien

'Zien' is samenspel van al wat erin betrokken raakt



















Ik fiets en ik zie:
Achter een raam geplakt:
‘Open huis. Hier moet u komen kijken!’

Ik denk:
Dat zetten ze er overal op
en iedereen die dat leest,
weet dat ze het er overal opzetten
en zij die het erop zetten,
weten dat iedereen weet
dat ze het er overal opzetten…

Ik blokkeer:
Wat is dit voor idioot theater?
___

Ik zie, terwijl ik wil oversteken met mijn fiets:
Een auto komt eraan.
Er zit een grijs mannetje
met een geruite pet op
achter het stuur,
hij is misschien al wel 80 jaar.

Voor mij uit loopt een puber:
bonenstakerig figuur,
broek met laag kruis,
riem laag op de heupen.
Auto met grijs mannetje of niet,
hij vervolgt zijn weg.

Het grijze mannetje remt,
de jongen wandelt.
Het grijze mannetje kijkt naar mij.
Ik zie in zijn verbolgen blik
de vraag of ik dit begrijp?

De puber bereikt de overkant.
Zijn hoofd draait naar links
zodat ik het en profil te zien krijg.
Hij blaast een grote, roze kauwgumbel
die parmantig voor hem uitsteekt.